Les 1

LES 1

Je onderwerp

 

Als je zin hebt om te schilderen moet je een onderwerp hebben.

Je gaat nadenken, kijken, zoeken, en vind dan wel iets dat je zou kunnen schilderen.

Of, je hèbt een onderwerp;  Je loopt bijv. door een mooi
landschap, en wordt daardoor getriggerd en denkt: dàt wil ik schilderen!!

Wat zou beter voor je schilderij zijn? Uitgangspunt 1 of uitgangspunt 2?
Natuurlijk eigenlijk uitgangspunt 2.
Maar dat zou frustrerend zijn, als je
gewoon zin hebt om te schilderen, al je spullen staan klaar, maar je weet
niet wat! Dus, uitgangspunt 1 is een goede 2e (om het ingewikkeld te maken).
Natuurlijk ga je als eerste bepalen wat je wilt schilderen. Je zoekt naar een
onderwerp. En dan ineens weet je het.
Vraag jezelf eens af, waarom je dat wilt schilderen wat je hebt uitgekozen.
Is het omdat het onderwerp je fascineert, of om de kleur, om de vorm,
om de sfeer, om een emotie uit te drukken?
Het licht misschien, het plekje?
Waarom wil je schilderen wat je wilt schilderen?
Als je daar nog niet uit bent, is dat misschien de eerste en wel de
belangrijkste vraag die je jezelf moet stellen.
Waarom boeit het onderwerp me zo, dat ik dat wil schilderen?
Wat wil ik er precies van schilderen? Er was eens een leerling, die geen
onderwerp wist, en op mijn les aan het zoeken was naar een onderwerp.
Eindelijk had ze iets gevonden, en na 3 of 4 lessen kwam het eruit: ik hèb er
eigenlijk niks mee. SCHILDER HET DAN NIET!!! Je kunt niet iets schilderen
waar je niks mee hebt. Begin er niet aan. Het wordt niks. Gegarandeerd.
Maar:
Stel, er is een boom in de tuin van de buren, waar je zicht op hebt
als je ‘s-morgens het raam van je slaapkamer openzet om de boel te luchten.
Het ochtendlicht valt prachtig met tegenlicht op de boom, en de kleur
van de ochtendnevel is schitterend. Je wilt dit wel schilderen!

boom ochtendlicht

Wat ga je nu schilderen? Je kunt de hele boom gaan schilderen
en aan de buren vragen of je ‘s-middags
in hun tuin mag zitten omdat je de boom zo mooi vindt als je
‘s-morgens de ramen van je slaapkamer openzet.
Maar je kunt beter wachten tot de volgende ochtend, je schildersspullen
al klaar zetten op je slaapkamer
( of desnoods een fototoestel in de aanslag hebben) en wachten
tot het licht zo mooi op die boom staat,
zodat je dat kunt gaan schilderen.
Of je ziet een mooie appelboom, en wilt eigenlijk alleen de sappigheid
van de frisrode appels schilderen.
Je moet dan dus inzoomen op het onderwerp.
Neem je L-vormige hoekjes, of diaraampje en houd ze zover
van je vandaan dat je inzoomt op het onderwerp hoever dat nodig is.
appelboom1               appelboom 4

.

Is dat de gehele boom? Is dat de paar appels met bladeren die vlak voor je
over het balkon hangen?
Is dat het tegenlicht dat door de takken valt, en waardoor de boom iets
geheimzinnigs, romantisch uitstraalt?
Je neemt i.i.g. het beeld dat je hebt fotografisch in je hoofd op, en zorgt
dat je gaat schilderen wat jij daar nou juist zo mooi aan vindt.
Zoek bewust naar je reden! En benoem die voor jezelf. Word bewust!
Voel de emotie en blijf bij het gevoel, waaròm je dit wilt schilderen.
Kijk door je oogharen, en kijk naar het onderwerp, en of het nog net zo boeit als dat
je het met open ogen ziet. Dat geeft je de mogelijkheid om te zien, of hetgene, dat jij belangrijk vindt,
ook inderdaad eruit komt als je je ogen knijpt. Dit heeft met compositie te maken.
Maar daarover een andere keer.
Focus.
Ga een beslissing nemen wat je wilt schilderen en heb dat gedurende het hele proces van het
schilderen in je hoofd. Dan pas kan je een goed schilderij maken.
Dank voor je aandacht, en tot de volgende les.

Terug naar het overzicht van de lessen

Share this page: